Heeft u vragen? Bel met Kristian Koster op 033 - 422 99 70

Nog veel onduidelijk over aardgasloze woning

Duurzaamheid 5 september 2019

De betaalbaarheid van de energietransitie, mogelijke alternatieven en het proces van de overgang naar aardgasvrij wonen is voor bewoners en andere partijen nog steeds onduidelijk. Dat blijkt uit twee rapporten die vandaag verschijnen, van het Sociaal Cultureel Planbureau en van onderzoeksinstituut TNO. Beide rapporten zijn eensgezind in hun adviezen aan overheden: communiceer meer en beter over de energietransitie.

Concreet
In 2019 werden de afspraken over het stoppen met de aardgasproductie in Groningen concreet: over dertig jaar is de Nederlandse kooldioxide-uitstoot met 95% verminderd, en zijn nagenoeg alle woningen aardgasvrij. Maar om die snelle overgang naar een gasloze woning mogelijk te maken moeten alternatieven worden gevonden en toegepast. Overheden zijn daar druk mee bezig; provincies maken met gemeenten afspraken in zogenaamde Regionale Energiestrategiën (RES) en gemeenten maken zelf klimaatplannen op wijk- of zelfs straatniveau om te bepalen welke alternatieven, zoals warmtenetten, geothermie, all-electric of warmtepompen, geschikt zijn voor welke wijk.

Onzekerheid
Maar aan het einde van de lijn – in de woning – heerst vooral verwarring en onzekerheid. Welke alternatieven zijn er? Is deze woning wel geschikt voor een alternatief? Wat gaat dat kosten? Wanneer gaat het gas er definitief af? Die vragen kunnen maar moeilijk beantwoord worden door overheden of marktpartijen, omdat voor hen ook nog veel onduidelijk is, ziet TNO. ‘Zowel voor de particuliere woningeigenaren als professionele verhuurders, gemeenten, netbeheerders en andere betrokkenen geldt dat ze niet goed weten wat het aardgasvrij maken van de woningvoorraad voor hen betekent. Er is onduidelijkheid over de technische invulling van aardgasvrij, over de kosten, maar ook over wie welke rol heeft.’

Kennis
Dat komt vooral door een gebrek aan duidelijke en eenduidige informatie. Over veel alternatieven, of de te nemen maatregelen in de woning, is te weinig onafhankelijke kennis beschikbaar. Daardoor is het voor bewoners ook moeilijk om bijvoorbeeld besparingen, investeringen en opbrengsten op een rij te zetten en producten onderling te vergelijken. Maar ook voor overheden en marktpartijen is dat lastig. ‘Doordat vaak niet alle aspecten van aardgasvrij worden meegewogen, bestaat het risico dat belangrijke onkosten of andere neveneffecten buiten beeld blijven en niet meegenomen worden in de afweging tussen concepten.’

Betrokken
Uit het SCP-onderzoek onder huiseigenaren blijkt dat bewoners zich maar weinig betrokken voelen bij de energietransitie, terwijl ze wel de behoefte hebben om hun vragen en zorgen over de keuzes die gemaakt worden al in een vroeg stadium te delen. Het draagvlak voor aardgasvrij wonen lijkt beperkt te zijn en eigenaren nemen daarom een afwachtende houding aan. ‘Het is dus ook onzeker of de actieve opstelling die van woningeigenaren verwacht wordt om de aardgastransitie te realiseren ook daadwerkelijk wordt bereikt. Bereidheid van woningeigenaren om zich in te zetten voor het aardgasvrij maken van de eigen woning en de wijk is nodig,’ zien de onderzoekers. De eigenaar ziet het belang van de klimaatdoelen wel, ‘maar is het lang niet altijd eens met de gemaakte keuzes over de maatregelen. Ook is er enig wantrouwen dat de huidige plannen daadwerkelijk zullen worden doorgezet en beloftes en toezeggingen nagekomen zullen worden.’

Zwaarwegend
Uit het SCP-onderzoek blijkt opvallend genoeg dat de ervaringen en adviezen van andere eigenaren voor veel bewoners zwaarwegender zijn dan de adviezen van een marktpartij of overheid. Ook TNO stipt dat aan in de studie; bewoners die het hele traject naar een aardgasvrije woning hebben doorlopen kunnen een ambassadeur zijn en anderen, die nog in het traject zitten, informeren.

Communicatie
Maar met name voor overheden, die straks langs de deur moeten om hun inwoners over de streep te trekken, ligt een belangrijke taak in het geven van de juiste informatie. Vooral het SCP hamert op een juiste insteek: decentrale overheden moeten hun bewoners ‘op schaalniveau’ aanspreken en niet uitgaan dat een landelijke informatiecampagne van de rijksoverheid de klus zal klaren. Want ook al is de gemeente niet altijd verantwoordelijk, zoals in de overeenkomsten tussen energieleveranciers en bewoner, de burger kijkt wel naar de gemeente voor communicatie over bijvoorbeeld de planning van de energiemaatregelen.

Bron: Binnenlands Bestuur (5 september 2019)

Geoplan

Bel mij terug

Heeft u vragen en wilt u graag terug worden gebeld door een van onze studieadviseurs?